Het college gaat bij Rijkswaterstaat aangeven dat het niet handig is dat de onderhoudswerkzaamheden aan het strand in de warme maanden mei en juni plaatsvinden. Dat laat het college weten in de beantwoording van de schriftelijke vragen die CDA-fractievoorzitter Barend Tensen vorige maand indiende.

Langere zomers
Gezien de steeds langere zomers en het daarmee stijgende aantal strandbezoekers, bezoekers van de strandpaviljoens en watersporters vond het CDA het noodzakelijk hiernaar te vragen.

Ongunstige planning
Uit de beantwoording blijkt ook dat het voor de kustveiligheid belangrijk is om het zand aan te vullen. Om het strand veilig en op voldoende hoogte te houden moet dit regelmatig gebeuren. De huidige aanvulling heeft naar verwachting een levensduur van vier tot vijf jaar voordat er weer opnieuw moet worden aangevuld. Tensen: “We snappen de noodzaak, want we willen nog lang van onze mooie kuststrook kunnen genieten. Als je echter een heel jaar de tijd hebt, waarom kies je dan juist deze drukke maanden? Kostenbesparing zal hierin vermoedelijk een rol spelen, maar de Katwijkers, Rijnsburgers en Valkenburgers moeten ook gewoon van hun strand kunnen genieten.”

Het CDA heeft dan ook nadrukkelijk gevraagd of het college bereid is het gesprek met Rijkswaterstaat aan te gaan zodat voor een volgende keer de werkzaamheden op een gunstiger tijdstip worden gepland. De gemeente kan hier geen directe invloed op uitoefenen, zo blijkt, maar heeft wel beloofd het nogmaals schriftelijk aan de orde te stellen.

Overlast beperken
Op de vraag of er met de volgorde van de werkzaamheden nog zodanig geschoven kan worden dat de strandcabines in het noorden, waar het meest zand is weggeslagen, toch in juni op het strand kunnen worden geplaatst reageert het college negatief: die volgorde staat al vast. Wel hebben er inmiddels informatiebijeenkomsten met de paviljoenhouders en de watersportorganisaties plaatsgevonden waarin gekeken wordt hoe de overlast beperkt kan worden.

Comments

comments

DELEN