Tijdens de gemeenteraadsvergadering van vorige week donderdag kwamen drie onderwerpen aan bod, waarmee de gemeenteraad verschillend is omgegaan. Het betreft de onderwerpen bibliotheek, een bewaakte fietsenstalling en het omgekeerd inzamelen van afval.

Het ziet ernaar uit dat het miljoenenproject omtrent de nieuwbouw van de bibliotheek alleen kan rekenen op steun van de drie coalitiepartijen (CDA, SGP, ChristenUnie). Daarmee wordt nog eens onderstreept hoe omstreden dit project eigenlijk is. Immers, de gehele oppositie is voornemens om tegen het project te stemmen. Daarmee is dus geen sprake van een breed gedragen besluit maar van een besluit dat er kennelijk wordt doorgedrukt. Dit zou de collegepartijen (níet de oppositie!) aan het denken moeten zetten. Welke kwaliteit ontbeert het besluit waardoor de gehele oppositie voornemens is tegen te stemmen?

Stiekem hoop ik dat raads- en collegeleden van de coalitiepartijen zich nog met deze vraag bezighouden. Dat is namelijk een bewijs zijn dat men de kwaliteit van de besluitvorming vooropstelt. Zeker bij een geldverslindend prestigeproject moet de burger ervan uit kunnen gaan dat naar elkaars argumenten wordt geluisterd en dat sprake is van een zorgvuldig afgewogen besluit. Dat betekent dus dat je als college(partij) én oppositiepartij je oor te luisteren moet leggen bij alle betrokkenen bij dit project. Welke bezwaren kunnen we wegnemen, hoe kunnen we tegemoetkomen aan bepaalde wensen, wat is het sentiment onder de bevolking, zijn de gestelde criteria een middel of een doel, etc. etc. Met andere woorden, het is als coalitie te makkelijk om alleen te vertrouwen op je numerieke meerderheid in de gemeenteraad. Tegelijkertijd moet de oppositie zich afvragen of het alles heeft gedaan om de besluitvorming te beïnvloeden. Het klinkt misschien gek, maar wat meer puzzel- en schaaktalent binnen de gemeenteraad kan het verschil maken. Daarbij scheelt het natuurlijk ook als het ambtelijk apparaat meer past bij een ‘tafellaken’ dan bij een ‘servet’.

Een andere opvallende uitkomst betreft het wegstemmen van een pilot voor een bewaakte fietsenstalling op de Boulevard. De ingediende motie kon alleen rekenen op de steun van de oppositie want de collegepartijen stemden tegen. Dat kan natuurlijk gebeuren maar ook bij dit onderwerp vraag ik me af of men wel lang genoeg heeft nagedacht. Een bewaakte fietsenstalling op of nabij de Boulevard is bepaald niets nieuws. Veel kustplaatsen kennen zo’n voorziening. Er wordt service geboden aan inwoners en toeristen, het is een vorm van regulering omdat het ‘wild parkeren’ tegengaat en het aantal diefstallen van (elektrische) fietsen wordt ermee teruggebracht. Bovendien betrof het een pilot, een uitprobeersel, net als het uitprobeersel met de fietscoaches.

Het voorstel over de afvalinzameling, tenslotte, laat zien hoe het wél kan. Raadsbreed is het voorstel voor omgekeerd inzamelen gewogen en te licht bevonden. Het moet gezegd dat de overtuigende inbreng van inwoners uit Rijnsburg hierbij van doorslaggevend belang is geweest. Maar gelukkig waren er genoeg argumenten die op zichzelf al overtuigend genoeg waren om de wethouder met het voorstel terug te sturen naar de ‘tekentafel’. Dat mag vaker gebeuren. Het komt de kwaliteit van het lokaal bestuur ten goede.

Comments

comments

DELEN