Tot hoe ver strekt de lokale overheidsbemoeienis met betrekking tot privézaken? Die vraag houdt mij sinds vorige week bezig. In de Katwijksche Post van donderdag jl. stond een ingezonden artikel van de ChristenUnie over (v)echtscheidingen. In 2015 vroeg collegepartij ChristenUnie aan het College om met dit onderwerp aan de slag te gaan. Het College gaat nu op dit vlak extra stappen zetten om vechtscheidingen te voorkomen en hiervoor geld vrijmaken. Er zal worden onderzocht op welke manier (v)echtscheidingen kunnen worden voorkomen. Ook zal er, in samenwerking met Jeugd en Gezinsteams, duidelijk informatiemateriaal worden ontwikkeld zodat ouders zich goed bewust zijn van de consequenties van een scheiding. Ook zal mediation als instrument bij (v)echtscheidingen worden ingezet en worden gekeken naar mogelijkheden voor huisvesting van de vertrekkende partner.

Het is natuurlijk een nobel idee om zoveel mogelijk vechtscheidingen te voorkomen, zeker vanuit het perspectief van kinderen. Echter, het is maar de vraag of de lokale overheid meer kan en moet doen, dan het huidige dienstenaanbod, zoals voorlichting, gezinsgesprekken/therapie, relatiegesprekken/therapie, relatiecursussen en cursussen ter voorbereiding op het ouderschap. Een hele mond vol. In hoeverre is dit hulpaanbod bekend bij de doelgroep? Het is niet niks wat aan hulp wordt geboden. Dit mogen we gerust ‘pamperen’ noemen, in vergelijking met andere zorgonderwerpen.

Het lijkt me daarom een goed plan als de (lokale) overheid allereerst een consequente lijn gaat trekken als het gaat om het aanbieden van overheidsdiensten. Indien we spreken over ouderenzorg, dan komen al snel de woorden ‘eigen verantwoordelijkheid’ en ‘familie’ om de hoek kijken. Degenen die eenzaamheid ervaren of een zorgvraag hebben, krijgen (aan de keukentafel) direct het advies om zelf aan de slag te gaan en de eigen familiekring hierop aan te spreken. Dit lijken mij ook bij het onderwerp (v)echtscheidingen nuttige gespreksonderwerpen. Alle zeventig kinderen in Katwijk die kennelijk jaarlijks betrokken zijn bij (v)echtscheidingen, hebben waarschijnlijk ook ooms en tantes, opa’s en oma’s en andere bekenden die in de eerste plaats iets voor hun en hun ouders kunnen betekenen, bijvoorbeeld mediation. Dan heb ik het nog niet gehad over de mogelijkheid van families om zelf een advocaat in te schakelen om de boel netjes af te wikkelen.

Het gevaar wat hier dreigt is dat de gemeente Katwijk gaat investeren in een dure vorm van betutteling en op de stoel van de ‘markt’ gaat zitten. Zeker, het belang van kinderen is evident maar het kan zomaar realiteit worden dat met overheidsgeld een echtscheiding zich tot vechtscheiding gaat ontwikkelen. Welke meerwaarde bieden Jeugd en Gezinsteams, die eerst nog op dit gebied beter moeten worden geschoold? Ik vrees dat op deze manier de Jeugdzorg ‘oude stijl’ weer wordt opgetuigd met veel bezighoud-therapie, bureaucratie en weinig oplossingen.

Het lijkt me daarom een beter idee als het Centrum voor Jeugd en Gezin zélf meer geld vrijmaakt om hun huidige hulpaanbod met een publiekscampagne onder de aandacht te brengen. Breng daarnaast als gemeente eerst meer balans in het totale hulppakket van de overheid, voordat de overheid letterlijk tussen twee kibbelende echtgenoten in bed ligt.

Comments

comments

DELEN