Het tijdelijk stoppen met bloeddrukverlagende medicijnen bij 75-plussers met milde cognitieve problemen heeft geen positief effect op cognitief, psychologisch of algemeen dagelijks functioneren.

Dat schrijven onderzoekers van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) in JAMA Internal Medicine. De resultaten zijn verrassend, omdat eerder onderzoek erop leek te wijzen dat een hogere bloeddruk op latere leeftijd juist gunstig is.

De 385 deelnemers aan de studie, allen 75-plus, kampten met milde cognitieve achteruitgang maar leden niet aan ernstige hart- en vaatziekten. De helft van de groep stopte gedurende 16 weken met medicatie tegen hoge bloeddruk, terwijl de controlegroep de pillen bleef gebruiken. Vervolgens werden de ouderen getest op cognitieve functies, symptomen van depressie en apathie, functioneren in het dagelijks leven en kwaliteit van leven. Op geen van deze punten vonden de onderzoekers een verbetering.

Bloeddruk op latere leeftijd
Terwijl bij jongere mensen hoge bloeddruk een risicofactor is voor een verminderde breinfunctie, is dat verband bij ouderen minder eenduidig. Eerdere studies lieten zien dat bij ouderen juist een láge bloeddruk vaker gepaard gaat met cognitieve en psychologische achteruitgang. Dit werd verklaard met de theorie dat een hogere bloeddruk voor een betere doorbloeding van het brein zou zorgen, wat juist van belang zou zijn bij stijve bloedvaten zoals ouderen die vaak hebben.

Selectie van deelnemers
Het huidige onderzoek bevestigt deze aanname niet. De LUMC’ers sluiten niet uit dat de selectie van de deelnemers verklaart waarom ze geen positief effect van stoppen met medicijnen konden aantonen. “Misschien komt dat doordat we om veiligheidsredenen geen ouderen met ernstige hart- en vaatziekten hebben laten deelnemen”, zegt eerste auteur Justine Moonen. “Wellicht is juist bij hen de doorbloeding van de hersenen slechter, waardoor zij wél baat zouden kunnen hebben bij een hogere bloeddruk.” Gedeeld eerste auteur Jessica Foster-Dingley vult aan: “Daarnaast hebben we mogelijk geen effect kunnen aantonen, omdat de ouderen die mee wilden en konden doen aan onze studie zowel cognitief als in het dagelijks leven vrij goed functioneerden.” Ook is het denkbaar dat het verschil in bloeddruk tussen de twee groepen te klein was om een effect op het functioneren aan te tonen. Moonen: “Maar het kan natuurlijk ook zo zijn dat er geen causale relatie bestaat tussen lagere bloeddruk en slechter functioneren bij ouderen. In dat geval ligt er wellicht een gemeenschappelijke oorzaak aan ten grondslag – zoals beschadigingen in de delen van het brein die de bloeddruk regelen, of een slechte hartfunctie.”
De onderzoekers pleiten voor een herhaling van het onderzoek, maar dan bij ouderen bij wie de regulering van de hersendoorbloeding aantoonbaar is aangetast en met een langere follow-up-tijd.

Comments

comments

DELEN