De gemeenteraad ziet dat sociaal ontwikkelbedrijf Provalu stappen zet, maar voelt zich nog te weinig meegenomen in wat er precies gebeurt. Dat bleek donderdag tijdens de commissievergadering, waarin de voortgang van het verbetertraject uitgebreid werd besproken.

Een jaar geleden was de toon over Provalu somber. Inmiddels klinkt er voorzichtiger optimisme. Samenwerking met lokale werkgevers komt op gang en in sommige perioden zijn meer inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt aan werk geholpen. Toch blijft het gevoel hangen dat de raad vooral moet vertrouwen op signalen, terwijl harde en overzichtelijke informatie ontbreekt.

Dat schuurt, zeker omdat de raad eerder had gevraagd om duidelijke en concrete rapportages. Juist die rapportages geven volgens meerdere partijen nog onvoldoende antwoord op de vraag waar Provalu staat en waar het naartoe gaat.

Beweging, maar ook twijfel
CDA-raadslid Jacco van Duijn verwoordde het gevoel van een deel van de commissie. Hij ziet dat er iets in gang is gezet en waarschuwde voor te veel onrust. Provalu werkt volgens hem steeds meer samen met lokale werkgevers en probeert mensen zo dicht mogelijk bij huis aan werk te helpen. ‘Iedereen is gebaat bij rust,’ gaf hij mee.

Die rust botst echter met de behoefte aan duidelijkheid. Andere fracties gaven aan dat zij wel lezen dát er dingen gebeuren, maar moeilijk kunnen beoordelen wat dat betekent. Hoe stevig is de verbetering? Wat is tijdelijk, en wat wordt structureel? En wanneer kan de raad daar echt op sturen?

Rapportages geven te weinig houvast
Die vragen kwamen terug bij de bespreking van de kwartaalrapportages. Volgens raadsleden zijn die te summier en soms zelfs tegenstrijdig. Informatie werd pas na aandringen toegevoegd en bood alsnog weinig concreet inzicht. Dat roept zorgen op over de manier waarop de organisatie functioneert en hoe gemeenten als opdrachtgever worden meegenomen.

Ook klonk er twijfel over de meetbaarheid van de ambities. Provalu wil doorgroeien tot een volwaardig sociaal ontwikkelbedrijf, maar volgens meerdere fracties is nog onvoldoende zichtbaar hoe die ambitie zich vertaalt naar meetbare resultaten voor inwoners.

Wethouder deelt zorgen
Wethouder Emile Soetendal erkende dat de raad een punt heeft. De afspraak was dat kwartaalrapportages voldoende inzicht zouden geven, maar dat is volgens hem niet gebeurd. ‘Er gebeurt meer dan nu zichtbaar wordt,’ gaf hij aan, ‘maar dat komt bestuurlijk niet goed genoeg naar voren.’

Eerst duidelijkheid, dan besluiten
Het college stelde voor om de motie over Provalu voorlopig aan te houden. Eerst moet beter zichtbaar worden wat de verbeteringen opleveren en hoe deze worden vastgehouden. Daarbij is afgesproken dat de informatievoorziening richting de raad vanaf 2026 structureel beter moet.

Reclame