De Katwijkse wethouder Gerard Mostert is tevreden met de uitkomsten van de second opinion naar de gevolgen van de voorgestelde komst van medicijnfabriek Eli Lily naar de gemeente. Het onderzoeks- en voorbereidingswerk klopt volgens de experts in grote lijnen. Er zijn nog wel wat aanscherpingen nodig in de onderbouwing, maar dat ziet Mostert vooral als een mooie kans om alles strak op te leveren. Met het besluit in het vooruitzicht maakt hij zich op om het ingewikkelde vraagstuk samen met de gemeenteraad te beslechten.

Een zichtbaar opgeluchte wethouder staat de pers te woord. Bij de second opinion zijn geen lijken uit de kast gevallen. Zijn ambtelijke organisatie en de onderzoekers hebben hun werk grotendeels naar behoren gedaan is de conclusie. De raad had om de second opinion gevraagd om tot een zo gewogen mogelijk oordeel te komen in dit gevoelige dossier. 

Ten aanzien van de maatschappelijke kosten-batenanalyse nuanceert de wethouder de conclusie uit een van de rapporten dat een alternatief bedrijventerrein meer banen zou opleveren. Hij legt uit dat dit zogeheten nulalternatief moet worden gelezen als meer bedrijven met meer werknemers, maar zonder de gewenste bijdragen van Rijk en provincie. Het wegvallen van die compensatie betekent volgens hem dat de nodige investeringen niet door andere partijen vergoed worden. 

Advertentie

Verdediging van de vestigingsdeal

Het niet doorgaan van de deal zou betekenen dat Katwijk de 72 miljoen euro voor het verbeteren van de infrastructuur op de N206 en de Molentuinweg zelf moet ophoesten, wat de gemeente financieel niet kan opbrengen. Daarnaast wijst de wethouder erop dat de verhoging van het percentage betaalbare woningen op nieuwbouwlocatie Valkenhorst van 36 naar 50 procent een keihard winstpunt is. Deze twee specifieke maatschappelijke voordelen vormen voor hem de kern van de afweging die de politiek moet maken.

Mostert herhaalt dat hij al in het voorjaar duidelijk heeft gemaakt niet akkoord te gaan zonder een stevige vestigingsdeal met het Rijk. Nu het Rijk en de provincie over de brug zijn gekomen, vindt hij dat het plan goed uit te leggen valt aan de Katwijkse gemeenschap. Het is volgens hem precies de taak van het bestuur om een eerlijke belangenafweging te maken tussen deze voordelen en de ruimtelijke impact. 

Wethouder erkent ook negatieve effecten van komst medicijnfabriek 

De wethouder zegt niet weg te kijken voor de negatieve effecten en geeft toe dat het doorzicht en de doorgang naar het Valkenburgse Meer permanent veranderen. Hij benadrukt daarbij dat het plan niet wordt gerealiseerd in een ongerept natuurgebied, maar op een plek waar voorheen kassen van glas en beton stonden. Tegenover deze fysieke verandering zet hij bewust de grote winst die hij ziet op het gebied van mobiliteit en betaalbare woningbouw. 

Over de zorgen rondom het energie- en drinkwaterverbruik stelt de wethouder dat de fabriek zich aan de geldende landelijke wet- en regelgeving moet houden. Hij geeft aan dat het bedrijf achteraan moet sluiten in de netwerkrij en moet voldoen aan de landelijke richtlijnen. Omdat drinkwaterbedrijf Dunea heeft gegarandeerd genoeg capaciteit te hebben voor zowel de fabriek als alle nieuwbouwwoningen, ziet hij op dat vlak geen obstakels. 

‘Wat goed is voor regio, is ook goed voor Katwijk’ 

De kritiek dat de fabriek vooral goed is voor Nederland en de regio weerlegt de wethouder door te stellen dat wat goed is voor de Leidse regio ook goed is voor Katwijk. Hij vindt dat Katwijk door de gemaakte afspraken direct meeprofiteert van de regionale economische versterking en de infrastructurele impulsen. De bestuurder stelt dat de vestigingsdeal juist is ontworpen om de specifieke lokale knelpunten in Katwijk daadkrachtig aan te pakken. 

Om het proces zorgvuldig af te ronden, stuurt de wethouder het complete dossier met de verwerkte aanscherpingen binnenkort door naar de gemeenteraad. Daarnaast organiseert het college de komende weken fysieke en digitale gesprekken met inwoners om tekst en uitleg te geven over het plan. Met het beantwoorden van de ongeveer 800 ingediende zienswijzen koerst hij af op een definitief raadsbesluit begin oktober